Spelersopleiding :                                                         

 Training:

  • Twee maal training per week vanaf mini miniemen. In geval van tekort aan trainers wordt voor de desbetreffende ploeg(en) overgeschakeld naar 1 training. Ploegen binnen dezelfde categorie trainen zo veel mogelijk op dezelfde plaats en tijd. Kern B en dames trainen 1 maal.
  • Tijdens de voorbereiding en winterstop worden trainingen per stap of categorie georganiseerd.
  • Specifieke doelwachterstraining wordt indien mogelijk wekelijks voorzien. Deze wordt zo veel mogelijk voor, tijdens als na de gewone training gegeven. Ook doelwachterstraining op andere dagen/uren zijn mogelijk. Het boek van Frans Hoek (“Keeperstraining”) is de leidraad voor de specifieke keeperstraining. De trainingen worden over verschillende ploegen samen georganiseerd afhankelijk van de beschikbare keeperstrainers en bestaande trainingsuren. De coordinator organiseert.
  • Methodiek “Leren Voetballen” – wedstrijdvormen en afgeleiden - is de basismethodiek voor de opleiding van de jeugdploegen.De oefenstof van Wiel Cöerver wordt gehanteerd om de technische vaardigheden aan te leren aan jeugdspelers. Het “Duivels Footbal Fun book” is de leidraad voor trainingen in stap 1.
  • Alle oefeningen worden met bal uitgevoerd, tenzij het om specifieke loopcoordinatie gaat
  • Een gezonde mix van balvaardigheidvormen, pass-en traptechnieken, positiespelen, duelvormen, grondvormen, wedstrijdvormen, coördinatieoefeningen en pure fysieke arbeid met bal wordt aangeboden
  • Trainers stellen zelf een jaarprogramma op of volgen het beschikbare jaarprogramma

 Wedstrijden:

  • Ploegen warmen op volgens de vooropgestelde opwarming
  • Trainers zorgen ervoor dat alle spelers voldoende spelgelegenheid krijgen. Een 50% norm per wedstrijd kan door de trainers gehanteerd worden bij ploegen waar doorlopend wisselen is toeglaten. Spelgelegenheid is steeds in functie van trainingsaanwezigheid en trainingsinzet. Voor de spelers die voldoende trainingsaanwezigheid en inzet tonen moet op jaarbasis een 70% norm gebruikt worden (indien de spelersaantallen dit toelaten)

 Indeling van spelers:

  • Van pupillen t.e.m. scholieren: zo veel mogelijk volgens geboortejaar. Binnen hetzelfde geboortejaar worden spelers ingedeeld volgens hun kwaliteiten. Ook trainingsaanwezigheid en inzet kunnen in rekening gebracht worden. Trainers en coördinator beslissen onderling. De eindverantwoordelijkheid ligt bij de coördinator.
  • Indien bij de jaarlijkse indeling van spelers een tekort of overschot is: eerst oplossen binnen geboortejaar dan binnen categorie dan binnen de stap. Alles gebeurt eerst in overleg met de betrokken trainers. De eindverantwoordelijkheid ligt bij de coördinatoren en de TC.
  • Junioren, Kern A en B: volgens kwaliteit
  • De selectie voor bekerwedstrijden is volledig vrij.
  • Indien tijdens het seizoen een tijdelijk spelerstekort ontstaat (tekort/overschot)in een ploeg: eerst oplossen binnen geboortejaar dan binnen categorie dan binnen de stap. Trainers dienen eerst tijdig contact met elkaar op te nemen alvorens de spelers in te lichten. Trainers moeten de nodige flexibiliteit tonen om de andere ploegen uit de nood te helpen. Het zijn de trainers en begeleiders die bepalen wie waar speelt; niet de spelers. De eindverantwoordelijkheid ligt bij de coördinatoren.

Evaluatie spelers:

  • Om de opvolging van spelers mogelijk te maken, wordt er elk jaar per speler een beoordelingsformulier ter beschikking gesteld. Dit kan ook gebruikt worden in een functioneringsgesprek met de speler.

 Rekrutering spelers:

  • Worden als speler aanvaard: leerlingen en oud-leerlingen van Olve-scholen alsook door de Raad van bestuur aanvaarde leden (speler of ouder engageert zich binnen de club)
  • Accent rekrutering op leerlingen van Olve-scholen 3e kleuterklas t.e.m. 3de leerjaar via de school, olve voetbalstage en het scholentornooi
  • Olve wil graag de band houden met spelers die de club verlaten. Deze spelers kunnen opgeroepen worden om een spelerstekort op te vangen. In geen geval kan dit de nodige spelgelegenheid van de andere spelers in het gedrang te brengen.

Structuur / accenten: 

STAP 1: Eigen competitie – pupillen, miniminiemen en meisjes

  • Tijdens deze periode kunnen de kinderen en hun ouders elkaar ontmoeten en kennis maken met de club, haar werking en activiteiten.
  • de individuele ontwikkeling van de speler staat centraal (technisch - inzichtelijk) 
  • Op training ligt het accent op techniek (aantal balcontacten per training ligt zo hoog mogelijk), coordinatie en motoriek 
  • Tijdens wedstrijden en trainingen krijgen spelers de kans om op verschillende posities te spelen
  • Op training komen alle spelers aan bod om in doel te staan. Op wedstrijden krijgen alle spelers met interesse de kans om het doel te verdedigen. Specifieke doelwachterstraining staat open voor alle spelers met interesse. 
  • Tijdens wedstrijden spelen pupillen in een 2-1-3 opstelling. Mini miniemen in een 3-2-3 opstelling.
  • De spelertjes van het eerste leerjaar en jonger blijven in “eigen kompetitie” gedurende heel het seizoen.
  • De spelertjes van het tweede en derde leerjaar spelen tot nieuwjaar in Eigen Kompetitie. Na nieuwjaar gaan alle in competitie.
  • Olve gelooft er in dat het de spelertjes meer spelvreugde kan geven en meer kan bijleren (EK- Pupillen) door op deze leeftijd enkel/ook training, spelletjes en onderlinge wedstrijdjes op Olve aan te bieden. Zo komt iedereen immers meer aan bod.

 STAP 2: Miniemen en Cadetten

  • In een tweede periode leren de kinderen de basisaspecten van het voetbalspel aan, zij leren technieken en tactieken aanwenden,  zij leren spelen in ploegverband.
  • individuele en collectieve ontwikkeling (technisch – inzichtelijk) gaan hand in hand
  • Op training leren de spelers medespelers ZIEN en AANSPELEN
  • Tijdens wedstrijden wordt in een 3-4-3 opstelling gespeeld
  • De spelers hebben een ankerpositie. In de meeste gevallen spelen de spelers tijdens de wedstrijd op hun ankerpositie maar regelmatig krijgen ze ook de kans om op 1 of 2 andere postities aan te treden.
  • Er wordt gestreefd naar twee vaste doelmannen per ploeg die de wedstrijden voor hun rekening nemen. Specifieke doelwachterstraining wordt enkel voor de twee vaste doelmannen voorzien. Op training komen alle spelers met interesse aan bod om in doel te staan.

 STAP 3: Scholieren en Junioren

  • Tijdens deze periode bepaalt de speler met welke ambitie hij/zij aan sport wil doen.
  • individuele en collectieve ontwikkeling t.a.v. tegenstander (technisch – inzichtelijk)
  • leren omgaan met de speelwijze van de tegenstander: collectieve ontwikkeling tav sterkte/zwakte eigen team en de tegenstander, rechtstreekse tegenstander, eigen linie, totale team en perfectioneren van 11:11
  • Op training wordt getraind met een hoge weerstand van tegenstrever en wordt er wedstrijdgericht gewerkt
  • De nodige fysieke componenten (uithouding,..) worden in de training geintegreerd.
  • Op wedstrijden wordt in een 3-4-3 opstelling gespeeld
  • De spelers hebben een ankerpositie. In de meeste gevallen spelen de spelers tijdens de wedstrijd op hun ankerpositie. Afhankelijk van de flexibiliteit van de speler en wedstrijdomstandigheden kunnen ze op andere postities aantreden.
  • Er wordt gestreefd naar twee vaste doelmannen per ploeg die de wedstrijden voor hun rekening nemen. Specifieke doelwachterstraining wordt enkel voor de twee vaste doelmannen voorzien. Op training staan de vaste doelmannen in doel.
  • De “potentiële kern A” junioren blijven in principe twee jaar junior. Na twee jaar worden de spelers overgeheveld. Enkel in uitzonderlijke gevallen (uitzonderlijk talent, aantal spelers,..) kan een snellere of latere overgang.De “potentiële Kern B” junioren blijven minimaal 2 jaar junior. Hun overheveling  gebeurt aan de hand van de beschikbare spelersaantallen en de wil van de betrokken speler. Elke overheveling wordt in de TC besproken. Alle spelers die overgeheveld krijgen de nodige info in verband met de ploeg waar zij terecht kunnen.
  • Tijdens de periode dat de spelers bij de junioren ingedeeld zijn krijgen ze, om latere integratie te bevorderen, allen de kans om enkele malen per seizoen in een seniorenploeg aan te treden. Bij voorkeur worden ze in A of B kern opgevangen afhankelijk van hun potentieel. Deze integratie wordt geregeld tussen de coordinator van de junioren en deze van kern A en kern B. Hierbij wordt opgelet dat alle spelers de kans krijgen en dat bepaalde spelers niet te veel belast raken.

  STAP 4: Senioren, veteranen en dames

  • De kwaliteiten en motivatie bepalen bij welke ploeg de speler terecht komt:Kern A of B
  • individuele en collectieve ontwikkeling t.a.v. tegenstander (technisch – inzichtelijk) ifv de wedstrijd
  • In de kern A bepaalt de coördinator de opstellingen, speelwijze, trainingen en selecties van de ploegen uit kern A en doet dit in functie van de eerste ploeg. Het primair doel van de eerste ploeg is het bereiken van de best mogelijke eindrangschikking.
  • Bij de ploegen in kern B gaat spelbeleving, spelgelegenheid, vriendschap en het winnen van wedstrijden hand in hand. 
  • Op training van de kern A wordt getraind met een hoge weerstand van tegenstrever en wordt wedstrijdgericht gewerkt. Op de tranining van de kern B staat beleving centraal.
  • In stap 4 wordt de opstelling bepaald aan de hand van de eigen kwaliteiten en in functie van de tegenstander.
  • Er wordt gestreefd naar één vaste doelman per ploeg die de wedstrijden voor zijn/haar rekening neemt. Specifieke doelwachterstraining wordt enkel voor de vaste doelmannen voorzien. Op training staan de vaste doelmannen in doel.
  • Bij de senioren bepaalt de coördinator van kern A welke spelers uit senioren, vets en doorgestroomde junioren voor de kern A worden geselecteerd. De kern bestaat uit spelers die door de coördinator geacht worden de meeste waarde te zullen hebben voor de eerste ploeg. Al die spelers zijn altijd bereid om in de eerste ploeg en tweede ploeg aan te treden.
  • De tweede ploeg heeft ook als taak de integratie van junioren te verbeteren. Daartoe kunnen meer ervaren spelers, die niet onmiddellijk de meeste waarde hebben voor de eerste ploeg, in de kern worden opgenomen.